Francorchamps ontvangt Nederlandse ex-toppers uit 500 cc
De Nederlandse wegracesport is vooral bekend door de successen in de lichte klassen, de 50 en 125 cc.
Maar in de jaren zeventig waren de Nederlanders ook sterk in de 500 cc klasse met toppers als Wil Hartog, Boet van Dulmen, Rob Bron en Marcel Ankoné. Bij de komende Bikers’ Classics (19, 20 en 21 juni) zijn zij er ook bij.
Nederlandse motorsportliefhebbers kunnen hun hart ophalen bij de komende Bikers’ Classics op 19, 20 en 21 juni aanstaande. Naast de Nederlandse toppers uit de 50 cc- en 125 cc klasse (onder wie Jan de Vries, Aalt Toersen en Jos Schurgers) zijn ook de ‘oranje’- rijders van de partij die in de koninginneklasse, de 500 cc-categorie, hoog scoorden: Wil Hartog, Boet van Dulmen, Rob Bron en Marcel Ankoné. Op Francorchamps behaalden ze in de jaren zeventig en tachtig topplaatsen in de Belgische Grand Prix: Hartog won de 500 cc klasse in 1978, Ankoné was derde in 1976, Ron Bron vierde in 1971 en Van Dulmen vijfde in 1981 en zesde in 1982.
Wil Hartog komt voor de derde maal naar de Ardenner baan voor de Bikers’ Classics. “Het is nostalgie,” zegt hij. “Allemaal fantastische herinneringen uit de jaren zeventig. En ik kan ook nog eens mijn idolen ontmoeten uit de tijd dat ik nog niet racete zoals Giacomo Agostini, Phil Read en Luigi Taveri.” Hartog won de race in 1978. Hij kwam toen uit op de fabrieks-Suzuki die normaal gereden werd door de Amerikaan Pat Hennen. Hennen was echter zwaar geblesseerd na een crash op het eiland Man. Suzuki lijfde Hartog in bij de TT van Assen, maar hij kon toen geen potten breken. De motor was nog niet zoals hij die wilde hebben, vooral op het vlak van remmen. Maar een week later liep het voor Hartog op Francorchamps veel beter. De bedoeling was dat hij titelverdediger Barry Sheene (Suzuki) zou helpen in zijn strijd tegen de Amerikaanse uitdager Kenny Roberts. “Ik zat samen met Roberts, Sheene en Cecotto op kop. Maar Roberts was sneller. Op een gegeven moment kreeg ik het signaal ‘Go’ uit de pits. Als ik sneller kon, mocht ik gaan en het ging ontzettend goed.”
Dat was toen nog op het oude, supersnelle 14 kilometer lange circuit. Vorig jaar ging Hartog nog eens over het oude circuit. “Het is onvoorstelbaar dat we daar met zulke hoge snelheden langs de vangrail (die er nu nog staat) reden,” zegt hij. Bij de komende Bikers’ Classics komt Hartog uit op een Suzuki van het Britse team Heron. In principe zal de motor in dezelfde kleuren gespoten worden als het exemplaar waarmee hij in 1978 won.
Hartog is niet de enige Nederlander die regelmatig terugkeert voor de Bikers’ Classics. Marcel Ankoné is eveneens een trouwe deelnemer. Hij behaalde in 1976 op Francorchamps zijn hoogste GP-klassering (derde) in zijn 500 cc-carrière. Ook Ankoné verbaast zich nog over het oude circuit. Over het huidige zegt hij: “Het nieuwe stuk is heel mooi om te rijden. En de omloop heeft toch nog de zelfde sfeer als vroeger.”
Ron Bron en Boet van Dulmen maken voor de eerste maal hun opwachting bij de Bikers’ Classics. Bron was in 1970 en 1971 een topper in de 500 cc-klasse achter veelvuldig wereldkampioen Giacomo Agostini. In 1971 reikte hij naar de vierde plek op Francorchamps. Hij komt nu met een Yamaha TZ350 uit, niet met zijn Suzuki 500 cc van toen.
Boet van Dulmen maakt op Francorchamps een eenmalige comeback. Sinds hij in 1986 gestopt is met racen, heeft hij niet meer op een wedstrijdmotor gezeten. De Bikers’ Classics is voor hem een hernieuwde kennismaking met zijn Suzuki-racer uit de jaren zeventig en met Francorchamps.














